| Aantekeningen |
- Trijntje Claesdr van der Hidde, geboren 1630/1631, overleden tussen 26 jan. 1706 en 28 okt. 1712, trouwt (1) circa 1663 Dirck Dircksz Capiteijn (Cappiteijn), overleden vóór 10 sep. 1671, zoon van Dirck Jacobsz Capiteijn, wonend te Esselickerwoude (1658); trouwt (2) Cornelis Jansz de Graef, weduwnaar van Annetge Cornelisdr Reijnsburger, afkomstig van Woubrugge, poorter van Gouda en lid van het grootschippersgilde te Gouda (26 april 1675), uit het gilde gegaan (1708), wonend in het Oude Mannenhuis te Gouda (1722), overleden Gouda 16 dec. 1722 (Gouda (impost betaald prodeo) 17dec. 1722).
De onderstaande twee akten geven de familieverbanden goed weer:
-10 september 1671: Trijntge Claesdr van der Hidde, weduwe van Dirck Dircksz Capiteijn, geassisteerd met Jacob Claesz van der Hidde, haar broeder, als haar gekoren voogd, in deze ter ene zijde, en Dirck Jacobsz Capiteijn, als grootvader en voogd nevens Jacob Dircx Capiteijn, zich sterk makende voor Claes Dircxsz Capiteijn zes jaar, en Dirck Dircksz Capiteijn, oud elf weken, ter andere zijde, regelden de uitkoop. Het vaderlijk erfdeel werd vastgesteld op 125 gulden.
- 28 oktober 1712: Cornelis Jansz de Graaf, weduwnaar van Trijntje Claesdr van der Hidde, wonende te Woubrugge, ter eenre en Klaas Dircksz Cappiteijn, nagelaten zoon mitsgaders universele erfgenaam van Trijntje in het voorgaande huwelijk verwekt, wonende te Gouda, ter andere zijde. Zij verwijzen naar het testament van Trijntje en 1e comparant op 26 januari 1706 voor notaris Johan van Middelant te Gouda. Cornelis heeft een legaat van 200 gulden gekregen, waarvoor hij van Klaas een obligatie ten laste van Jan Cornelisz de Voogt van 10 april 1707 van 900 gulden en nog een obligatie van 450 gulden heeft gehad. Het resterende deel van 250 gulden van deze obligatie kwam Klaas toe. Hij zou ook de helft van de doodschulden van f 28-14-0 betalen.
Uit het eerste huwelijk zijn twee kinderen Capiteijn geboren.
|