| Aantekeningen |
- Ook: in 't Velt
Streekarchief Rijnlands Midden:
protocollen Oudshoorn 1679-1686
inventarisnummer 9
bladzijde 18v
datum 26-12-1679
inhoud: Trijntje Pieters, getrouwd met Tomas Dircxsz van Swieten, eerder weduwe van Sijmen Lourensz Lelijvelt, geassisteerd met haar man, ter eenre en Reijer Sijmensz Beusecum en Bruijn Gijsbertsz Eeuverendam, voogden over Marritge, oud 14 jaar en Jannitje Sijmensdr, oud 8 jaar, kinderen van Sijmen Lourensz en Trijntje Pieters, ter andere zijde. Uitkoop van de kinderen. Trijntje Pieters valt toe een huis, erf en beplanting, staande op 13 morgen 100 roeden land in de Grote polder, strekkende van de Lage Rijndijk tot de Oudshoornse weg, belend ten oosten het hier volgende gedeelte van de weeskinderen en ten westen de kinderen van Marritje Dircxsz Bouman c.s.; nog 1 morgen 3 hond land, liggende als voren, strekkende uit de Nieuwe Sloot tot Aert Jansz, belend ten oosten Jan Sijmensz Vermij, ten westen Marritje Sijmensz Beusecum, ten zuiden Aert Jansz en ten noorden Gerrit Jansz; nog 2 morgen 2 hond 50 roeden land, liggende als voren, strekkende van Gerrit Jansz tot de Oudshoornse weg, belend ten oosten Jan Willemsz Coleijn c.s. en ten westen de weduwe en de kinderen van Dirck Cornelisz van Swieten; nog twee percelen grond, groot samen 2 morgen,2 hond, strekkende van Marritje Sijmens Beusecum tot de Oudshoornse dijk, belend ten oosten de weduwe en kinderen van Dirck Cornelisz van Swieten en ten westen Cornelis Christiaensz van der Aer c.s.; nog 3 morgen land, liggende als voren, strekkende van de kinderen van Pieter Gijsz van Dam, tot Maerten Joosten Verlaen, belend ten oosten de kinderen van Pieter Gijsz van Dam en ten westen Jan Adriaensz; nog 7 morgen 1 hond land onder Alphen, strekkende met een erfje uit de Rijn tot Gijsbert Jacobsz van Heijningen, belend ten oosten het Gasthuis te Leiden en ten westen van Heijningen voornoemd; nog al de roerende goederen en de lasten op de inboedel. Is ook gehouden de kinderen te onderhouden en op te voeden tot hun 18e jaar. Dan ontvangt ieder kind 630 gulden en een uitzet, een bed met peluw, twee hoofdkussens, een beddekleed en samen de helft van het linnen en het spaargeld en een eiken kleerkast. De kinderen komt toe een huis, berg, schuur en beplanting in de Grote polder met 11 morgen land, strekkende uit de Laansloot tot de Oudshoornse dijk, belend ten oosten Reijer Sijmensz van Beusecum c.s. en ten westen Trijntje Pieters; nog 3 morgen land, liggende als voren, strekkende uit de Nieuwe Sloot tot Jan Gerritsz Vermij, belend ten oosten Cornelis Wilckens en ten westen de erfgenamen van Cornelis Seuntges; nog 4 morgen 3 hond 55 roeden land, strekkende uit de Zegersloot tot in de Aar, belend ten oosten de schout van Zevenhoven en ten westen de kinderen van Sijmen Dircxsz van Swieten; nog een hennipwerf, groot 4 hond 25 roe, strekkende uit de Rijn tot de kinderen van Marritje Dircxsz Bouman, belend ten noorden de kinderen voornoemd en ten zuiden Reijer Sijmensz Beusecum. Trijntje Pieters behoudt van dit alles het vruchtgebruik, maar is gehouden de lasten der goederen te dragen.
plaatsnaam Oudshoorn
Streekarchief Rijnlands Midden:
protocollen Oudshoorn 1679-1686
inventarisnummer 9
bladzijde 45
datum 14-10-1680
inhoud Tomas Dircksz van Swieten, weduwnaar van Trijntje Pieters Boot, ter eenre en Matteuwis Jansz Euverendam als voogd over Marentje, oud 15 jaar en Jannetje Sijmensz, oud 9 jaar, kinderen van Trijntje voornoemd en Sijmen Lourens Lelijvelt, ter andere zijde. Deling der erfgoederen. Tomas Dircksz van Swieten valt ten deel 7 morgen 1 hond land onder Alphen, strekkende met een erfje uit de Rijn tot Gijsbert Jacobsz van Heijningen, belend ten oosten het gasthuis van Leiden en ten westen Van Heijningen voornoemd; nog 4 morgen 5 hond 50 roeden land in de Grote polder, strekkende van de Nieuwe Sloot tot Aert Jansz c.s., belend ten oosten Jan Sijmensz Vermij en ten westen Reijer Simonsz; nog 2 morgen 2 hond land, liggende als voren, belend ten oosten de weduwe van Dirck Cornelisz van Swieten, ten zuiden Reijer Sijmensz Beusecum, ten westen Geertje Sijmensz en Cornelis van der Aer en ten noorden de Oudshoornse weg; nog 2 morgen 5 hond 50 roeden land, liggende als voren, belend ten oosten, noorden en zuiden de erfgenamen van Pieter Gijsz van Dam en ten westen Jan Ariensz de Jonge; nog een huis en erf onder Oudshoorn in de Sniep, strekkende van de Lage Rijndijk tot in de Rijn, belend ten zuiden Walingh Barentsz en ten noorden de kinderen van Jan Jansz Verdam. De weeskinderen valt ten deel een huis, berg, schuur en beplanting onder Oudshoorn op de Laan met 13 morgen 1 hond land, strekkende van de Lage Rijndijk tot de Oudshoornse weg, belend ten oosten de kinderen van Sijmen Lourensz Lelijvelt en ten westen de kinderen van Marritje Dircxs Bouman.
plaatsnaam Oudshoorn
protocollen Oudshoorn 1679-1686
inventarisnummer 9
bladzijde 208v
datum 27-05-1685
inhoud Matteuwis Jansz Eeuverendam en Reijer Sijmensz Beusecum als voogden over Marritje en Jannitje Sijmens, kinderen van Sijmen Lourens en Trijntje Pieters Boot, zijn schuldig aan Bruijn Gijsbertsz Eeuverendam, wonende in de Gnephoek, 1.000 gulden. Gesteld onderpand: een huis, berg, schuur en beplanting in de Grote polder met 4 morgen land, genaamd "het land van Pieter Oom", strekkende uit de Laansloot tot in de Nieuwe Sloot, belend ten zuiden Reijer Sijmensz Beusecum en ten noorden de kinderen van Sijmen Lourensz voornoemd.
plaatsnaam Oudshoorn
|